Analyse

Waarom niet 1 januari 2030? EY-advies en kabinetskeuze

EY adviseerde binnenlandse e-facturatie per 1 januari 2030. Het kabinet koos 1 juli 2030. Waarom de data verschillen en welke datum je moet aanhouden.

Gepubliceerd 5 min lezenDoor

Kernpunten

  • EY adviseerde binnenlandse e-facturatie per 1 januari 2030, intra-EU-e-facturatie en rapportage per 1 juli 2030 en binnenlandse rapportage rond 2032.
  • Het kabinet vond een eerdere binnenlandse datum 'niet realistisch' en koos 1 juli 2030 voor alle e-facturatie.
  • Binnenlandse rapportage komt volgens het kabinet op 1 juli 2031, eerder dan EY voorstelde.
  • Eén datum voor binnenlandse en intra-EU-facturen voorkomt dat bedrijven twee systemen naast elkaar moeten draaien.
  • Wie nu nog 1 januari 2030 noemt, citeert het EY-advies, niet het kabinetsbesluit.

Omdat het kabinet een binnenlandse start op 1 januari 2030 "niet realistisch" vond. Die datum kwam uit het advies van onderzoeksbureau EY. Het kabinet koos in de contourenbrief van 11 september 2026 voor 1 juli 2030, voor binnenlandse en intra-EU-facturen tegelijk. De binnenlandse rapportage volgt op 1 juli 2031. Zie je ergens nog 1 januari 2030 staan, dan is dat het EY-advies en niet het kabinetsplan.

Hieronder lees je hoe de twee tijdpaden eruitzien, waarom het kabinet afweek en welke datum jij moet aanhouden.

Twee tijdpaden naast elkaar

Onderdeel Advies EY Keuze kabinet
Binnenlandse e-facturatie 1 januari 2030 1 juli 2030
Intra-EU-e-facturatie en rapportage 1 juli 2030 1 juli 2030
Rapportage intracommunautaire verwervingen 1 juli 2030 1 juli 2030
Binnenlandse digitale rapportage circa 2032 1 juli 2031

Bron: Bijlage 1 bij de contourenbrief, paragraaf 4.

Opvallend: het kabinet is op één punt later dan EY (binnenlandse e-factuur) en op een ander punt eerder (binnenlandse rapportage).

Wat EY wilde en waarom

EY deed het onderzoek in opdracht van Financiën, EZK en BZK. Het rapport is gedateerd 23 januari 2026 en ging met een kabinetsreactie op 10 maart 2026 naar de Kamer. EY wilde binnenlandse e-facturen een half jaar vóór de Europese datum invoeren. De argumenten, samengevat uit Bijlage 1:

  • Geen big bang. Bedrijven kunnen wennen aan e-facturen voordat de Europese rapportage begint.
  • Kinderziektes oplossen. Fouten in software en stamgegevens komen eerder aan het licht.
  • De Belastingdienst is niet eerder klaar. EY verwachtte dat de Belastingdienst voor 1 juli 2030 nog geen binnenlandse rapportages kan ontvangen. Daarom adviseerde EY de binnenlandse rapportage "enkele jaren" later.
  • Andere landen faseren ook. EY noemt België, Ierland en het Verenigd Koninkrijk.

Uit de gesprekken die EY voerde bleek ook een verschil tussen bedrijven. Ondernemers die vooral in Nederland werken willen geen big bang en liever eerst de e-factuur, later de rapportage. Internationaal werkende bedrijven willen juist alles in één keer, zodat ze het veranderproces maar één keer hoeven te doorlopen.

Waarom het kabinet 1 juli koos

Het kabinet schrijft in Bijlage 1: "Het naar voren halen van de termijn voor binnenlandse e-facturatie wordt daardoor, mede met het oog op het doorlopen van een zorgvuldig wetgevings- en parlementair proces, niet realistisch geacht."

Het rekenvoorbeeld is eenvoudig. Het wetsvoorstel gaat pas in de zomer van 2027 naar de Kamer en de behandeling moet voor 1 juli 2028 klaar zijn. Een start op 1 januari 2030 zou de voorbereidingstijd na publicatie van de wet een half jaar korter maken.

Daarnaast noemt het kabinet een praktisch voordeel van één datum: "In dat geval hoeft in de wetgeving geen onderscheid te worden gemaakt tussen parallelle systemen (papier en elektronisch)". Bedrijven krijgen één duidelijke deadline en hoeven niet verschillende regels toe te passen afhankelijk van of een klant in Nederland of in België zit.

Een voorbeeld. Een drukkerij in Venlo heeft klanten in Nederland en Duitsland. Onder het EY-schema had ze vanaf januari 2030 Nederlandse klanten met e-facturen bediend en Duitse klanten nog met pdf's, en in juli weer omgeschakeld. Onder het kabinetsplan gaat alles op 1 juli 2030 tegelijk over.

Waarom de rapportage juist eerder komt

EY adviseerde de binnenlandse rapportage rond 2032. Het kabinet koos 1 juli 2031. De brief legt de nadruk op fraudebestrijding: zonder binnenlandse rapportage blijft volgens het kabinet het binnenlandse deel van carrouselfraude onzichtbaar. De fasering van een jaar moet wel "ruimte om te leren en bij te sturen" geven. Meer in Digitale rapportage aan de Belastingdienst vanaf 2031.

Wat een half jaar later voor jou betekent

Voor de meeste bedrijven is het verschil tussen januari en juli vooral rust. Een paar praktische gevolgen:

  • Geen jaarwisseling als startmoment. Veel bedrijven zijn in januari druk met de jaarafsluiting. Een start op 1 juli valt midden in het boekjaar. Plan je overstap dus niet pas in juni 2030, als de zomervakantie eraan komt.
  • Eén overstap. Werk je met klanten in andere EU-landen, dan hoef je niet twee keer om te schakelen.
  • Tussen de start van de e-factuur en de binnenlandse rapportage zit precies een jaar. In die periode kun je zien of je facturen technisch goed zijn, voordat de gegevens naar de Belastingdienst gaan.

Een rekenvoorbeeld: een bedrijf dat 1.200 facturen per jaar verstuurt, verstuurt er tussen 1 juli 2030 en 1 juli 2031 dus ongeveer 1.200 als e-factuur zonder binnenlandse rapportage. Dat is een flinke testperiode in de praktijk.

Waarom je nog verschillende data ziet

Op internet circuleren verschillende jaartallen. De meest voorkomende verklaringen:

  • 1 januari 2030: het EY-advies uit januari 2026, van voor het kabinetsbesluit.
  • 2026: een misverstand. Minister Karremans schreef in september 2025 aan de Kamer: "De genoemde datum van 2026 is niet juist." Zie Is e-facturatie in 2026 al verplicht?.
  • 2032: de door EY geadviseerde datum voor binnenlandse rapportage.
  • 2035: de uiterste datum voor lidstaten die op 1 januari 2024 al een binnenlandse realtime rapportage hadden, om hun systeem aan ViDA aan te passen. Nederland hoort daar niet bij.

Wat staat vast

  • De ViDA-richtlijn verplicht lidstaten de regels voor intra-EU-e-facturatie en rapportage vanaf 1 juli 2030 toe te passen. Die datum ligt vast in Europees recht.
  • Het kabinet heeft 1 juli 2030 en 1 juli 2031 als uitgangspunt voor de binnenlandse regels gekozen.

Wat is nog open

  • De binnenlandse data zijn een kabinetsvoornemen. Pas als de wet is aangenomen liggen ze vast. Zie Is e-facturatie al wet?.
  • Of er pilots of een testperiode komen. Bijlage 1 noemt het "wenselijk om ruimte te bieden voor pilots".

Welke datum hou jij aan?

Plan op 1 juli 2030 voor het versturen van e-facturen en op 1 juli 2031 voor binnenlandse rapportage. Werk je met klanten of leveranciers in andere EU-landen, dan begint de rapportage voor die transacties al op 1 juli 2030. Alle data staan in de tijdlijn en in Tijdlijn e-facturatie in Nederland. Benieuwd hoe ver je bent? Doe de gereedheidsscan.

Veelgestelde vragen

Wordt e-facturatie verplicht op 1 januari 2030 of 1 juli 2030?

Het kabinet koos 1 juli 2030, voor binnenlandse en intra-EU-facturen. 1 januari 2030 was het advies van EY, dat het kabinet niet heeft overgenomen.

Waarom koos het kabinet niet voor 1 januari 2030?

Het kabinet vond het naar voren halen van de binnenlandse datum 'niet realistisch', mede omdat er tijd nodig is voor een zorgvuldig wetgevings- en parlementair proces. Eén datum voor alle e-facturen is bovendien eenvoudiger.

Wanneer begint de binnenlandse digitale rapportage?

Volgens het kabinet op 1 juli 2031. EY had 'circa 2032' geadviseerd.

Wie is EY in dit verhaal?

EY deed in opdracht van de ministeries van Financiën, EZK en BZK onderzoek naar binnenlandse e-facturatie en rapportage. Het rapport is gedateerd 23 januari 2026 en ging op 10 maart 2026 naar de Kamer.

Zie je een fout? Meld het ons. efacturatiehub.nl is een onafhankelijke publicatie en is niet verbonden aan de Belastingdienst of de Rijksoverheid. De plannen kunnen nog veranderen; controleer de bronnen en de officiële informatie voordat je een beslissing neemt.